Ruimte voor bedrijven en industrie niet verder beperken

23-01-2018

BRV moet focussen op hubs voor tewerkstelling

De economie trekt opnieuw aan. Bedrijven werven aan en uitbreidingen kunnen zich opdringen. Goed nieuws voor de welvaart in onze regio, maar is dat buiten de ruimtelijke plannen van de Vlaamse regering gerekend ? Terreinen voorzien voor industrie, logistiek en bedrijven worden geviseerd. De gewenste verwevenheid van bedrijfsruimte en woonzone werkt niet alleen prijsstijgingen verder in de hand maar zal ook stuiten op weerstand met administratieve vertragingen en rompslomp als gevolg. Bovendien doet het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) er goed aan eerder te focussen op mogelijke tewerkstelling rond collectieve vervoerspunten zoals stations, dan op die strategische locaties woongelegenheden door te drukken. Die shift kan Vlamingen vandaag al helpen tijd vrij te maken voor hun familie en hobby's.

Tewerkstelling bij collectieve vervoerspunten
Tewerkstelling bij collectieve vervoerspunten

Overheid maakt van bedrijventerreinen zeldzaam goed

Bedrijven- en industrieterreinen zijn vandaag al onderhevig aan een reeks beperkingen: 253 ha overlapt met signaalgebieden die bouwvrij dienen te blijven- want van belang in de strijd tegen wateroverlast -; daarbovenop is 51 ha verbonden aan een verscherpte watertoets. Voorts kreeg vorig jaar 502 ha de stempel zonevreemd kwetsbaar bos mee op de intussen afgevoerde boskaart. Maar het grootste knelpunt dreigt de Vlaamse regering te creëren met haar BRV. De huidige meerderheid wil immers aanzienlijk beknibbelen op de ijzeren voorraad voor industriegebieden en inzetten op de verwevenheid van functies in verdichte, stedelijke gebieden. Bedrijvigheid zou dus veeleer moeten ingepland worden tussen woongelegenheden opdat de huidige voorziene ruimte niet moet aangesneden worden. Dit in een klimaat waar omwonenden zelfs de bouw van een school aanvechten vanwege mogelijke geluidshinder van spelende kinderen. Niet zozeer voor de dienstensector met zijn kantoorgebouwen is een dergelijk scenario onrealistisch, maar wat met industriële activiteiten en andere werkzaamheden die als hinder - lawaai, milieu, geur enz. - kunnen worden ervaren door de buurt? Meer nog, door de verwevenheid van wonen en ondernemen dreigen beschikbare terreinen in verdicht gebied nog een stuk duurder te worden.

Vooraleer de regering de vertaalslag maakt naar concrete beleidsopties doet zij er goed gedetailleerd te bepalen welke bedrijfsactiviteiten zich kunnen verweven met bijv. wonen en na te gaan wat de gevolgen zullen zijn voor de grondprijzen door enerzijds elders voorziene bedrijventerreinen en ruimte voor wonen te bevriezen en anderzijds de concurrentie om schaarse bouwgronden in verdicht gebied tussen gezinnen en ondernemers aan te zwengelen. Als goed voorbeeld kunnen we de recente beleidsbeslissing voor West-Vlaanderen aanhalen die - in tegenspraak met de krijtlijnen van het BRV - het mogelijk maakt om bijkomend 160 ha industrieterrein af te bakenen.

Toenemende containertraffiek op Albertkanaal
Toenemende containertraffiek op Albertkanaal

Strategische vervoerspunten vrijwaren voor tewerkstelling

Het BRV maakt een speerpunt van woonprojecten in een straal van 1 kilometer van collectieve vervoerspunten met een hoge knooppuntwaarde, die evenwel nog moet bepaald worden via zogenaamde kansenkaarten. Het is dan ook nog koffiedik kijken wat die verdichtingsmogelijkheden inhouden, maar aanzienlijke prijsstijgingen lijken onvermijdelijk. Doet de Vlaamse regering er evenwel niet beter aan het geweer van schouder te veranderen ? De combinatie van versterkte collectieve vervoersmogelijkheden met de systematische inplanting van tewerkstelling rond vervoerspunten met een hoge knooppuntwaarde lijkt niet alleen een positieve impact te hebben op het dichtslibben van snelwegen, maar ook tegemoet te komen aan de huidige woonwensen van de gezinnen in Vlaanderen.

De Vlamingen warm maken voor een eco-vriendelijk voortransport naar collectieve vervoersmogelijkheden, lijkt dan de nog te zetten stap opdat de regering haar klimaatdoelstellingen kan halen in 2050. De kiemen zijn vandaag reeds aanwezig : bijv. elektrische fietsen en kleine elektrische voertuigen die thuis aan de laadpaal kunnen worden opgeladen. Daaromtrent moet u weten dat de capaciteit van pv-panelen - te benutten voor het opladen van uw elektrisch voertuig- in buitengebied vandaag al ruimschoots die in stedelijke omgevingen overschrijdt.

Inzetten op innovatie, in plaats van het beknotten van gezinnen en ondernemingen, lijkt dan ook onontbeerlijk. Minder files en meer tijd voor hobby's en familie op een locatie en op een wijze die gezinnen zelf verkiezen, kunnen op korte termijn al het gevolg zijn.

De Vlaamse Confederatie Bouw dringt er dan ook op aan dogma's rond BRV te laten vallen, in te spelen op huidige trends en innovatie en de wensen van gezinnen en ondernemingen in rekening te brengen om de haalbaarheid van beleidsopties te toetsen.