Vraag 7
De verdichting van stads- en dorpskernen vergt extra investeringen op het vlak van bescherming tegen wateroverlast, rioleringen en nutsvoorzieningen, aanpassing van infrastructuur, leefbaarheid en groenvoorzieningen enz. Welke budgetten gaat u vanuit de Vlaamse overheid vrijmaken om de gemeenten daarin te ondersteunen ?

  • Zijn die extra kosten volgens u verwaarloosbaar ?
  • Gaat u er van uit dat promotoren dit doorrekenen aan huurders of kandidaat-kopers ?
  • Of is dit voor rekening van de steden en gemeenten ?

CD&V

We willen vanuit de Vlaamse overheid gemeenten verder financieel ondersteunen via projecten van de waterwegbeheerders en landinrichting. We wensen ten behoeve van de waterzuivering via Aquafin een nieuwe tranche van het lokaal pact van 700 miljoen euro ten behoeve van de gemeenten ter beschikking te stellen.

De kosten voor nutsvoorzieningen zijn zeker niet verwaarloosbaar, maar die kosten zullen er ook zijn - en zullen groter zijn - wanneer we de bevolkingsgroei opvangen door verder verspreid te bouwen.

De kosten van een te verspreide bebouwing wegen zowel op de overheid als op particulieren. Een recente studie over het monetariseren van de impact ervan in Vlaanderen toonde aan dat infrastructuurwerken in stedelijk gebied weliswaar duurder zijn per m², maar een stuk goedkoper zijn per inwoner. Per gebouw zijn de jaarlijkse kosten voor wegenis en nutsinfrastructuur in verspreide bebouwing bijvoorbeeld 7 keer hoger dan in een stadskern.

CD&V heeft daarom een voorstel klaar om gemeenten via het gemeentefonds te ondersteunen indien zij open ruimte vrijwaren, en bijgevolg hun bevolkingsgroei opvangen in de kernen. .

NV-A

Het is waardevol te bekijken welke extra kosten een verdichtingsoperatie met zich meebrengt. Dit kan natuurlijk niet eenzijdig bekeken worden, hierbij willen we wijzen op studies die uitwijzen dat niet inzetten op verdichting tot nog grotere investeringskosten leidt wat betreft publieke voorzieningen. Dat is logisch: het is goedkoper rioleringen, elektriciteitsnetten, postbedeling, telecominfrastructuur, ... te voorzien wanneer mensen dichter bijeen wonen.

Wat gemeentelijke budgetten betreft moet opgemerkt worden dat het gemeentefonds een jaarlijkse indexatie van 3,5 % krijgt, wat een boost geeft aan de slagkracht van de gemeenten.

sp.a

Kernversterking zal inderdaad investeringen vergen, maar verspreide bebouwing kost nog veel meer aan nutsvoorzieningen: per gebouw tot zeven keer meer dan voor woningen in kernen. Uit kosten-batenanalyses blijkt ook dat het onder controle brengen van ons ruimtebeslag ­tot 12 miljard euro goedkoper is dan niets doen. Inzetten op kernversterking is dan ook een investering in de toekomst: beter voor het klimaat én beter voor onze portemonnee. Het is echter duidelijk dat steden en gemeenten deze investering niet alleen zullen kunnen dragen. De Vlaamse overheid moet hen daar ten volle in ondersteunen.

Waar de kostprijs van een beter gelegen, energiezuinige of meer ontsloten woning wordt doorgerekend in de aankoopprijs, is het belangrijk te weten dat daar een besparing tegenover staat tijdens het gebruik van de woning in de vorm van lagere facturen. Ook hier voorzien we een rol voor de overheid: die moet investeringen in bijvoorbeeld een energiezuinige woning voorfinancieren, waarna bewoners de lening via het uitgespaarde bedrag op hun energiefactuur terugbetalen.

Vlaams Belang

Uiteraard hangen er kosten vast aan de verdichting van kernen, maar deze zijn lager dan de kosten met betrekking tot infrastructuur en mobiliteit van bebouwing elders. De facto worden die inderdaad deels doorgerekend aan de kopers. Het is maar logisch dat steden en gemeenten die hun fiscale opbrengsten zien stijgen meebetalen aan de financiering van deze infrastructuur.

Open VLD

De betaalbaarheid en factuur van al die zaken zal uiteraard mee in rekening worden genomen. Uit de maatschappelijke kosten-baten analyse die werd uitgevoerd in kader van Beleidsplan Ruimte Vlaanderen blijkt dat realisatie van BRV ook veel baten met zich meebrengt. Als je regelgeving toelaat om meer te doen op dezelfde oppervlakte, dan stijgt ook het rendement van die oppervlakte. Dat neemt niet weg dat, willen we BRV gerealiseerd zien, de financiering en extra middelen daarvoor mee op de onderhandelingstafel van de volgende regering komen te liggen.

PVDA

We betalen vooral een dure prijs voor onze slechte ruimtelijke ordening. De lintbebouwing en verspreide verkaveling maken de aanleg en onderhoud van de riolering veel duurder. Er is de komende tien jaar nog 9,3 miljard euro nodig om het rioolstelsel verder uit te bouwen en aan de Europese doelstellingen voor waterkwaliteit te voldoen. Dat is 2,7 miljard euro meer dan het huidige budget.

Dat de prijs van water vandaag de pan uitswingt is net te wijten aan de verhoogde taksen voor riolen en zuivering. Vroeger - voor 2000 - betaalde de overheid de kost voor de opvang en de zuivering van het afvalwater uit de algemene fiscale inkomsten. De logica was dat de gemeenschap de algemene kosten van de watervoorziening en -zuivering draagt en dat het belastingstelsel daarbij zorgt voor een billijke spreiding van de lasten. Immers, wie meer verdient, betaalt meer belastingen en draagt dus meer bij. Vandaag betalen de gezinnen via de waterfactuur al twee derde van de kosten van riolen en zuivering. Minister Joke Schauvliege van CD&V wil dat optrekken naar 100%. Wij weigeren nieuwe verbruiksbelastingen en prijsverhogingen, ze zijn onrechtvaardig. We streven ernaar het waterbeleid te financieren via een herverdelingsbeleid (langs de algemene fiscale inkomsten). Tot 2015 waren in Vlaanderen de eerste 15 m3 water per gezinslid gratis. Wij willen deze sociale maatregel herstellen. Alleenstaanden krijgen 25 m3 water gratis.

De verdichting vergt inderdaad ook investeringen in leefbare steden. We richten de Klimaatinvesteringsbank op om de ecologische planning te financieren. De bank investeert elk jaar 5 miljard euro in openbaar vervoer, isolatie, onderzoek, hernieuwbare energie en andere hefbomen. De Klimaatinvesteringsbank verstrekt aangepaste leningen voor groepsrenovaties en derdebetalersregelingen. We willen stedelijke wooncoöperaties opzetten die betaalbare en duurzame woningen bouwen en beheren. Met renteloze leningen kan de Vlaamse regering deze wooncoöperaties een handje helpen.